President Abelardo De La Espriella heeft 73 uitleveringen ondertekend in het kader van een grootschalig offensief tegen drugshandel, georganiseerde misdaad en gewapende criminele structuren. Via zijn sociale media liet hij weten dat er geen genade zal zijn voor daders en dat het aantal uitleveringen zal blijven stijgen.
De eerste vijf uitleveringsbevelen werden op 26 augustus getekend en betroffen onder meer Willington Henao Gutiérrez (‘Mocho Olmedo’), Carmen Evelio Castillo Carrillo (‘Muñeca’) en Geovany Andrés Rojas (‘Araña’), leider van de Comandos de la Frontera. Begin september volgde een tweede groep, waaronder Javier Fernández Morales (‘Choki’) en Fernando Vergara Palacios (‘Pechibola’).
Elk dossier doorloopt een zorgvuldige procedure waarbij verschillende Colombiaanse instanties en het Hooggerechtshof betrokken zijn, voordat de president een definitieve beslissing neemt. De regering stelt dat uitlevering nodig is om te voorkomen dat Colombia een toevluchtsoord wordt voor internationale criminelen.
De aankondiging komt op een moment dat de veiligheidsrelatie tussen Colombia en de Verenigde Staten wordt versterkt. Tijdens een bezoek van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Marco Rubio, aan Barranquilla op 8 september stonden drugshandel, regionale veiligheid en de bestrijding van transnationale criminele netwerken centraal.
Rubio benadrukte de bereidheid van de Colombiaanse regering om de samenwerking met Washington te verdiepen, onder meer op het gebied van inlichtingen en operationele capaciteiten. Het overleg vond plaats in het kader van Shield of the Americas, een Amerikaans initiatief voor betere regionale coördinatie tegen drugskartels en andere illegale netwerken.
Het uitleveringsoffensief maakt deel uit van het veiligheidsbeleid dat De La Espriella sinds het begin van zijn ambtstermijn voert. Volgens de regering is internationale justitiële en inlichtingensamenwerking essentieel om grensoverschrijdende criminaliteit effectief aan te pakken.